Langlevende agenten hebben meerdere geheugentypen nodig: werkgeheugen, episodisch geheugen, semantisch geheugen, procedureel geheugen, relationeel geheugen en zelfgeheugen. Een direct gebruikersfeit, een afgeleide voorkeur en een relatiehypothese hebben verschillende status en autoriteit.
Een nuttige lifecycle omvat perceptie, encoding, selectie, opslag, consolidatie, retrieval, interpretatie, update en vergeten. Vergeten is een capability: oude voorkeuren, gevoelige onthullingen en gecorrigeerde misverstanden mogen gedrag niet blijven sturen.